Lekker klagen op woensdag, ik kan het iedereen aanraden! Iedere week vragen wij daarom een blogger, journalist of influencer om hun ervaringen met PR te delen. Deze keer een Klaagmuur vanuit een iets ander perspectief. Tibor Dekker is namelijk werkzaam als eindredacteur voor VPRO Gids en de website VPRO Cinema, waar dagelijkse artikelen, recensies en interviews geplaatst worden over de nieuwste films en TV series. Hij is verantwoordelijk  voor de inhoudelijke koers van de site, social media en andere online kanalen, plus de andere uitingen van VPRO Cinema (filmpagina’s in de Gids, leden-events en binnenkort een podcast). Ook geeft hij leiding aan de redactie en maak de jaarplannen. Nieuwsgierig wat Tibor vanuit zijn eindredacteurschap allemaal te vertellen heeft over zijn werk, PR ergernissen en Netflix? Keep reading!

Hoeveel persberichten krijg je per dag, en hoeveel belanden er in de prullenbak?
Gemiddeld tien per dag. Verreweg de meesten gaan over films en series; die gooi ik niet snel weg. Behalve als ze over films en series gaan die echt niet bij de VPRO passen.

Hoe ziet het ideale persbericht eruit?
Wat mij betreft is een persbericht simpel en helder. Niet te veel tierlantijntjes. De mailbox van mijn werk zit snel vol, dus berichten met veel afbeeldingen en attachments zorgen voor onnodige irritatie. De laatste tijd heb ik dat minder vaak, maar dat kan ook komen doordat ik laatst per ongeluk mijn map Verzonden items heb leeggemaakt…

Wie of wat zijn jouw belangrijkste nieuwsbronnen / social media?
Facebook, twitter en persberichten. De teletekst-app lees ik in de trein ook altijd even door. Is best lui, eigenlijk, omdat het allemaal op mij afkomt. Maar VPRO Cinema & de VPRO Gids zijn geen hard nieuws-media, voor mijn werk is het niet nodig om op het laatste nieuws te jagen. Het belangrijker om tussen al die ronkende berichten over al de ‘beste films van het jaar’ ook oog te hebben voor kleinere verhalen, voor verborgen kansen.

Welke (internationale) tijdschriften/kranten zijn een inspiratiebron voor je?
Ik vind de VPRO Gids heel erg goed. Van de fraaie covers tot de bijzondere verhalen. Of mag ik die niet noemen? Humo is sterk. The Guardian doet film en voetbal goed; uitstekende journalistiek en invalshoeken. Mag ik ook websites noemen? Ben een groot liefhebber van long reads, en sommige sites maken daar prachtige verhalen van, ook in beeld. Neem The Huffington Post met The Lost Girls. Als je dat vergelijkt met het artikel in de NY Times over Lindsay Lohan bij de opnames van The Canyon. Ook een prachtig en schrijnend verhaal, maar visueel is het veel minder. Dat vind ik zo zonde.

Hoe wordt er op de redactie over PR bureau’s gesproken?
We hebben met veel pr-bureau’s en -mensen te maken. Met het overgrote deel van hen werken we goed samen (toch?). Dus er wordt veelal positief gesproken. En zonder anderen tekort te willen doen: Monique van Schendelen is onze all-time favourite.

Wat lijkt jou leuk en minder leuk aan het werken bij een PR bureau?
Leuk: bij een pr-bureau werken volgens mij sociale en positief ingestelde mensen. Minder leuk: sommige journalisten die hun eigen werk/blaadje/website het allerbelangrijkste vinden… Maar ik zou het vooral jammer vinden om niet direct betrokken te zijn bij het ‘eindproduct’.

Wat is jouw grootste irritatie bij PR bureau’s en/of adviseurs?
Als er beloftes worden gedaan, die niet worden nagekomen.

Wat is jouw gouden tip voor de PR adviseur?
Ik hou het kort, want er komen nog een paar hele lange antwoorden aan: zie het antwoord op vraag 7.

Is native advertising (advertorials, sponsored items, e.d.) slecht voor de ‘traditionele journalistiek’?
Ik vind het zelf prettig als er duidelijk onderscheid is tussen gesponsorde inhoud en onafhankelijke inhoud. Wees helder wat je van me wil: wil je me iets verkopen, of wil je me iets vertellen? Als je die vormen te veel op elkaar laat lijken, is het uiteindelijk slecht voor alle betrokkenen: de reclamemakers, de verhalenmakers en, niet in de laatste plaats, de lezers.

VPRO, onderdeel van NPO zijnde, is een ‘concurrent’ van onze klant Netflix als het om vrijetijdsbesteding van de consument gaat. Toch bespreken jullie vaak Netflix producties via VPRO Cinema. Kun je iets vertellen over de redenering vanuit VPRO om dit te doen?
Ik hoopte al op deze vraag! Heel veel jaar geleden werd de website Cinema.nl bedacht door VPRO en de Volkskrant, o.a. door Ronald Ockhuysen en Henk Blanken. Hierdoor was het van meet af aan duidelijk dat het geen site zou worden die zich alleen maar met films van de NPO zou bezighouden. Die redenering was ook voor de VPRO niet nieuw; in de VPRO Gids verschenen al wekelijks verhalen over bijvoorbeeld de nieuwste bioscoopfilms. De doelgroep van Cinema.nl was, en is, nog steeds de Nederlandse filmliefhebber. Die bedienen we onder meer met filmtips voor televisie, de bioscoop en nu ook voor de veelgebruikte streamingdienst Netflix. Overigens ben ik benieuwd hoe lang de NPO en Netflix elkaar nog als concurrenten kunnen blijven zien. Er staan zelfs al NPO-series op Netflix!

Ben je het met de volgende stellingen eens of oneens?

Exclusiviteit heeft geen bestaansrecht meer.
Oneens. Het komt nog maar weinig voor, maar je ziet wel gebeuren dat er een ander soort exclusiviteit ontstaat: op kwaliteit. Neem het filmpje van Arjen Lubach over The Netherlands Second. Dat wordt een hit, vervolgens heel vaak nagedaan, en slechts heel soms komt dat in de buurt van Lubachs kwaliteit. Vorig jaar was Louis Theroux in Nederland. Dan doet hij op een dag tientallen interviews: maar over het interview met VPRO Cinema twittert-ie dat hij het erg goed vond. Dat doet je cijfers op youtube vervolgens ook geen kwaad.

Door de komst van apps, bloggers/vloggers en social media is er duidelijk iets veranderd in mijn werk de afgelopen jaren.
Je veegt veel bij elkaar, maar: eens. Je publiek moet je bereiken via verschillende mediaplatforms. Als wij een goed interview met een filmmaker hebben, dan wil je dat aanbieden via Facebook, Youtube, Blendle, Twitter, Instagram, een nieuwsbrief en je eigen site. En op elk platform moet je zorgen dat het verpakt is in de juiste vorm, lengte en toon.

Ik geef eerder gehoor aan persoonlijk gerichte mails dan algemeen uitgestuurde persberichten.
Oneens.  De eerste mail is wel vaker algemeen. Daarna raak je als journalist en pr-medewerker in gesprek over een film of serie die past bij het medium. En vanaf dat moment is het persoonlijk.

PR bureau’s verpesten de journalistiek.
Oneens. Als pr-bureaus alleen maar op (potentiële) kijkcijfers zouden letten, dan verpesten we de boel. Dat is overigens ook iets waar journalisten voor moeten uitkijken. Het is leuk als veel mensen je artikelen lezen of filmpjes kijken. Het is goed om na te denken hoe je jouw doelgroep het beste kan bereiken. Het wordt gevaarlijk als marketeers of adviseurs tegen je zeggen: ‘maar je wil toch zoveel mogelijk mensen bereiken?’

Online tvgids-overzichten zorgen ervoor dat de papieren versie van VPRO Gids gaat verdwijnen.
Oneens. De VPRO Gids is veel meer dan een tv-gids. Wat dat betreft is het vergelijkbaar met Humo: de verhalen voorin het blad zijn hele goede redenen om het blad te blijven kopen, ook al kan je de tv-gegevens ook via internet of je smart-tv zien. Sterker: ik ben een groot liefhebber van on demand kijken. Daarvoor heb ik geen tv-gids nodig, maar wel een blad (of website, app, whatever) die me gidst: die me vertelt wáár ik goede films, series en documentaires kan zien.

Tibor maakt mijn inziens treffende opmerkingen die getuigen van een blik die verder gaat dan alleen het medium waar hij voor werkt. Hij zegt veel over de juiste inhoud: wat je zowel als PR adviseur als redactie een lezer aanbiedt, waar zitten de verborgen kansen om ze meer te vertellen dan de info die je al kort en bondig in je timeline voorbij ziet komen? Houd je lezers daarin ook niet voor de gek, maak duidelijk onderscheid in gesponsorde en redactionele stukken. En waak als een malle voor het willen bereiken van ‘zoveel mogelijk mensen’.

Ik deel zijn mening volledig, en herken dit ook enorm in mijn werk voor verschillende klanten. Het moet meer gaan om het vertellen van passende verhalen aan de groep mensen die dit interessant gaan vinden. Weten waar je hen blij, geinteresseerd en gefascineerd mee maakt. Zo houdt je lezers bij je en laat je ze betrokken voelen bij het gevoel achter een merk of product. Daarom is Tibor terecht niet angstig om het af te leggen tegen een online TVgids.

En dat valt ook te bemerken in zijn antwoord wanneer hij de VPRO Gids als goede inspiratiebron noemt. Zonder gêne trots zijn op het medium waar je voor werkt, ik houd er wel van! Zeker als eindredacteur kan ik me voorstellen dat wanneer je alle lijntjes weer samen hebt gekregen en als resultaat het blad met sterke, inhoudelijke artikelen voor je neus ziet liggen, je denkt: ‘Zo, dat hebben we toch weer mooi voor elkaar!’.

En het klopt dat ik in mijn functie niet from start to finish betrokken ben bij dat ene complete eindproduct, maar mijn uitdaging zit dan weer juist in het leveren van die ene mooie bijdrage aan ál die tijdschriften en websites!