De PR-Klaagmuur: Wendy van Esveld (MarketingTribune)

Onze collega Rina peilt elke week met 15 vragen de pr-frustraties en – klachten van journalisten. Want wat is er nou lekkerder dan ongegeneerd losgaan over de constante stroom persberichten, telefoontjes en mailtjes van pr-bureaus? Waarom we dit doen? Om journalisten eens lekker te laten uitrazen. En om te leren. Want tussen dat gezeik zit hopelijk ook nog waardevolle informatie. Deze keer Wendy van Esveld, redacteur bij MarketingTribune.

1. Wanneer besluit je een persbericht te lezen?
Wanneer de kop of afzender aanspreekt. Grote merken doen het altijd goed. Als ik het niet heel druk heb (wat natuurlijk nauwelijks voorkomt ) wil ik ook wel eens klikken op cryptische, heel rare, kromme koppen. Voor de lol. ‘Persbericht’ in de titel, verder geen tekst en alleen een worddocument, maken me ook altijd razend nieuwsgierig, dus die open ik ook. Op die zeldzame momenten dat er geen deadlines zijn dus.

2. Heb je een effectieve manier om telefoontjes van een pr-bureau af te kappen?
Ik oefen daar nog in. Soms ben ik opeens veel te assertief en schrik ik van mezelf, of ik heb wel zin in een praatje en schep zo te hoge verwachtingen. Gelukkig hebben we over het algemeen een receptioniste die veel telefoontjes afvangt. Meestal werkt trouwens: ‘Het komt even niet zo goed uit’ heel goed. Maar dat zeg ik alleen als dat ook echt zo is. Er wat langer over nadenkend; bij voorbaat afkappen duurt vaak langer dan het even over een onderwerp hebben.

3. Hoe wordt er op de redactie over pr-bureaus gesproken?
We haten ze en houden van ze. De meeste pr-bureaus helpen ons enorm.

4. Hoe ziet volgens jou het ideale persbericht eruit?
Een paar dingen die me zo te binnen schieten:
– De vijf w’s en max. 500 woorden
– Graag een quote
– Knip- en plakgeschikt > In geval van haast en voor online wel zo handig
– Hoog resolutiebeeld direct erbij > Als er staat dat ik het kan opvragen word ik zenuwachtig. Dan moet ik bellen of mailen en behalve dat het tijdrovend is, heb ik dan vervolgens het pr-bureau op mijn dak dat wil weten wat ik ermee ga doen en of ze een bewijsexemplaar mogen. Neem een abo!
– Objectief geschreven > Ik haal onware claims en superlatieven als ‘uniek’, ‘grootste’, ‘eerste’ er toch wel uit.
5. Hoe vaak per jaar ga je in op een persuitnodiging?
Als redactie twee keer per week. Dat is inclusief etentjes en bedrijfspresentaties. We krijgen ook minstens twee keer per week visite. Tijd dat het kost en wat we ermee kunnen in het blad of online moet een beetje in verhouding staan.

Maar ideaal bestaat natuurlijk sowieso niet. Waar het gewoon op neerkomt is dat een goed persbericht over een onderwerp gaat dat aansluit bij het medium en zijn doelgroep.

6. Absolute afknapper in je contact met een pr-bureau?
Wanneer het pr-bureau controlfreakerige trekken vertoont. Hebt een beetje vertrouwen! Ik ben er niet om wie dan ook kapot te maken. Ik vind het ook heel vervelend als ik word gebeld met de vraag: ‘Wanneer krijg ik de tekst?’, dan heb ik het gevoel dat het pr-bureau mijn opdrachtgever is. Zolang je me maar het gevoel geeft dat ik vrij en onafhankelijk ben, ben ik heel aangenaam. Ik geloof dat dat het wel is.

7. Wat vind je van de kwaliteit van persberichten die je ontvangt?
Wisselend. Maar een goed of slecht persbericht is dus niet zo de vraag; als het onderwerp maar aansluit.

8. Hoe reageer jij op een ‘verzoek tot plaatsing’?
Dat negeer ik. Of het moet een heel goed verhaal zijn. Mijn hoofdredacteur Luuk Ros verwoordt het mooi: het klinkt nogal aanmatigend, dus je begint wel met een achterstand.

9. Waarom zou jij nooit bij een pr-bureau kunnen werken?
Ik heb het kort gedaan, maar ik was niet zo heel goed.

10. Hoe wil jij het liefst door een pr-bureau benaderd worden?
Op een bescheiden, duidelijke manier en dat ik merk dat ze de titel, blad en site, kennen.

11. Hoe gewillig is de pr-afdeling van bedrijven in het beantwoorden van je vragen?
Gewillig, eigenlijk alleen maar goede ervaringen. Soms duurt het wel eens net wat lang, maar nooit onoverkomelijk. Ik vind het wel grappig (lees storend) als er op bijvoorbeeld vrijdagmiddag niemand te bereiken is bij de afdeling corporate communications of public affairs. Dat gebeurt best nog wel eens.

12. Wanneer maken pr-bureaus het jou onmogelijk je werk te doen?
Dat is me (nog) niet gebeurd. Soms verpesten ze het wel eens door de touwtjes superstrak te houden, maar ik heb nog geen pr-bureau ontdekt dat de ‘macht’ had mij het werk onmogelijk te maken.

13. Heb je achteraf wel eens spijt als je een pr-benadering hebt afgewezen?
Dat is me ook (nog) niet gebeurd.

14. Wat doe jij als je te vaak non-nieuws van een pr-bureau toegestuurd krijgt?
Heel eerlijk gezegd moet je het als pr-bureau dan wel heel bont maken bij mij, want ik kan de bureaus niet zo goed uit elkaar houden. Er zijn wel een of twee bureaus die ik niet zo serieus neem, omdat ze niet lijken te snappen wat een MarketingTribune-onderwerp is en wat niet.

15. Wat is jouw gouden tip voor pr-bureaus?
Be humble and help out. Of is dat te soft? Gouden tip van rot in het vak Luuk Ros: ken de structuur van het medium, zorg dat je de redactieagenda snapt en kent.

Heb jij nog een brandende vraag die je nooit aan een journalist durfde te stellen? Of ben je journalist en wil jij je frustraties botvieren op de PR-Klaagmuur? Dit is je kans! Stuur een mailtje naar Rina.

FacebookTwitterLinkedInWhatsApp

Gerelateerde berichten

%s

Om de gebruiksvriendelijkheid van onze website en diensten te optimaliseren maken wij gebruik van cookies.
Lees voor meer informatie ons privacystatement!