PR- Klaagmuur: Frank Verhoef (Uitgesproken WNL)

Frank Verhoef

Journalisten krijgen jeuk als ze alleen al denken aan PR-mensen. Van wéér een belmiep aan de telefoon die niet weet waar ze het over heeft, wéér een persbericht in het postvak zit zonder enige relevantie tot wéér een verhaal van een spinmaster die de essentie van het vak vergeten is. Het imago van het PR-vak heeft de laatste tijd flink wat deuken opgelopen. Ziet de journalist de PR-professional als een paria die de journalistiek verpest of is de praktijk toch anders? Iedere week vragen we een journalist om zijn of haar relatie met PR-mensen onder de loep te nemen. Wat is het werkelijke verhaal? Deze week is het de beurt aan Frank Verhoef, redacteur Uitgesproken WNL.


1. Snappen PR-bureaus wel wie jouw doelgroep is en waar jij over schrijft/bericht?
Meestal niet. Helaas draait het om de korte termijn en wordt er niet of niet voldoende geïnvesteerd in persrelaties en moet er dus voor iedere keer een kortdurende relatie met een journalist worden opgebouwd (die vervolgens verwatert). Er wordt een persbericht uitgestuurd, er wordt eventjes nagebeld en dat is het dan. Gelukkig werkt er nog een handvol mensen dat wel weet waar ik mee bezig ben en welke onderwerpen interessant zijn. En die dus ook moeite nemen om blijvende contacten op te bouwen.

2. Wat vind je ervan als een PR-adviseur van tevoren een onderwerp aan je voorlegt om te kijken of het bij jou past?
Daar is niets mis mee, zolang hij maar niet doet alsof hij zeker weet dat het past bij mij. Het gaat er uiteindelijk om dat een journalist, en niet de PR-afdeling, de keuze maakt welk onderwerp er wordt besproken en uitgewerkt tijdens de redactievergadering. Suggesties zijn vanzelfsprekend altijd welkom.

3. Kan een slechte benadering door een PR-bureau het nieuws verpesten?
Natuurlijk. Het beste voorbeeld is het persbericht of de perspagina op een website inclusief naam en telefoonnummer, en dat je de telefoon pakt en niemand te pakken krijgt omdat de hele communicatie-afdeling in een vergadering zit. Dat kun je proberen als je bang bent voor slechte publiciteit, maar zoiets doe je niet bij doodgewone vragen en verzoeken. Dat is echt heel slecht. Niet terugbellen is zo mogelijk nog erger.

4. Ontvang je liever een genuanceerd bericht of een scherp bericht?
Hoe scherper, hoe beter. Zo werken journalisten ook. Maar maak het niet te scherp en zet de journalist zelf aan het denken, híj wil het scherp maken.

5. Wie of wat is jouw belangrijkste nieuwsbron?
Kranten, opinieweekbladen, contacten.

6. Krijgt een PR-adviseur/woordvoerder altijd inzicht op feitelijke onjuistheden?
Dat ligt aan de gemaakte afspraak. Als er een afspraak ligt, dan is het voor beide partijen handig om feitelijke onjuistheden te corrigeren.

7. Hoe belangrijk vind jij de 5 W’s en de H in het persbericht?
Dat is niet zo belangrijk, als het maar een leesbaar en foutloos bericht is. Het verhaal van de journalist moet zich daarentegen wel aan de 5 W’s en de H houden, als het even kan.

8.Heb je achteraf wel eens spijt als je een PR-benadering hebt opgepakt?
Soms blijkt het zonde van de tijd te zijn, omdat er geen verhaal in zit. Hoewel dat bij het vak van een journalist hoort – het checken of iets een verhaal is – is niets vervelender dan persberichten waar geen nieuws in staat. Nog erger is de belofte van exclusiviteit en dat die belofte niet wordt nageleefd.

9. Ga je wel eens lunchen met een PR-adviseur?
Graag zelfs.

10. Op welk sociaal netwerk zou je wel contact leggen met een PR-adviseur?
Twitter lijkt me meer dan voldoende, naast de reguliere contacten per sms, telefoon, mail en in persoon.

Ben je het met de volgende stellingen eens of oneens?

11. De PR-adviseur moet zo snel mogelijk tussen het contact met de woordvoerder uit.
Oneens.

12. Nieuws is tegenwoordig geen echt nieuws meer.
Wat NRC Handelsblad brengt is meestal geen nieuws, dat geef ik grif toe, maar de ochtendkranten doen het nog best behoorlijk. En blogs doen ook hun best relevant te zijn.

13. PR-mensen zijn er alleen maar om vervelende zaken rondom bedrijven te verdoezelen.
Nou, dat is vast zo, maar een goede journalist begrijpt dat en prikt er doorheen als het moet.

14. Bij stijl- en taalfouten lees ik het bericht niet.
Eens. Bij clichézinnetjes ook niet.

15. PR-bureaus verpesten de journalistiek.
Luie journalisten verpesten de journalistiek. En luie persvoorlichters ook. Maar dit lijkt me van levensgroot belang: geef een journalist méér ruimte. Niets zo vervelends als je als journalist van het kastje naar de muur wordt gestuurd en de persoon die je wil spreken maar niet bereikbaar voor je is. Hier ligt ook een belangrijke taak voor hoofdredacties: geef een journalist méér ruimte; hij moet ook naar (relevante) bijeenkomsten kunnen gaan zonder dat er per se nieuws in zit. Het netwerk is zonder uitzondering de allerbelangrijkste nieuwsbron van een goede journalist. Of zou dat moeten zijn.

Frank is op Twitter te vinden onder @fverhoef.

Heb jij nog een brandende vraag die je nooit aan een journalist durfde te stellen? Of ben je journalist en wil jij je frustraties botvieren op de PR-Klaagmuur? Dit is je kans! Stuur een mailtje naar Marie Louise.

FacebookTwitterLinkedInWhatsApp

Gerelateerde berichten

%s

Om de gebruiksvriendelijkheid van onze website en diensten te optimaliseren maken wij gebruik van cookies.
Lees voor meer informatie ons privacystatement!