Waarom Coopr lid geworden is van de VPRA

Wij zijn als Coopr lid geworden van de VPRA. Voorzitter David Gribnau zei in zijn e-mail dat hij nog geen bureau had meegemaakt dat er zo lang over moest nadenken als wij. Of dat zo is weet ik niet. Wat wel zo is, is dat wij heel lang vonden dat we helemaal nergens lid van zouden worden. Want als je kennis wil uitwisselen met collega’s dan doe je dat gewoon. Daar heb je geen branchevereniging voor nodig. En, om een geluid te laten horen over onze branche hadden we ons blog. Maar we zijn toch lid geworden.

Samen beter
In het vernieuwde communicatie magazine staat deze maand een interview met David Gribnau. Hij refereert daar aan een artikel uit het FD van zo’n twee jaar geleden. Daarin schreef Richard Smit over de zorg die een aantal vakgenoten met ons deelden over het imago van de PR-branche. Wij vonden toen dat er weliswaar een hoop goed werk geleverd werd, maar dat veel aandacht uitging naar de zogenaamde boeven en belmeisjes. Dat schreven we niet zonder reden. We misten een collectief geluid over ons vak. Branchevernenigingen toonden in onze ogen veel te weinig beroepstrots en zaten te slapen.

Dat was wel anders ná het artikel. We kregen toen redelijk veel kritiek over ons heen. We zouden in eigen badwater pissen etc. Terwijl het doel niet was om onze branche af te zeiken. Integendeel. Een aantal maanden geleden verscheen er in de Volkskrant een stuk over de “belmeisjeskant” van het pr-vak. Hoewel ik best heb moeten lachen om dat stuk was het wel erg stereotiep en deed dat stuk geen recht aan het goede werk wat geleverd wordt door serieuze pr-professionals. Ik was toen echter wél blij met de actieve houding en reactie van de VPRA. Een branchevereniging die wakker is op het moment dat het er even toe deed. Dat wat ik in een eerdere periode miste leek er nu wel te zijn. Dat was voor mij een moment waarop ik dacht: ,,Zou een branchevereniging iets zijn voor ons?”

We hebben best getwijfeld. Wat zou een branchevereniging ons brengen? Wat zouden wij de vereniging brengen? Dat moet in evenwicht zijn. En uiteindelijk is daar maar 1 manier voor om achter te komen: doen. En dat is wat we gaan doen. De VPRA komt van ver vind ik. maar is in beweging en maakt stappen. Het is op dit moment ook de enige formele vereniging  voor bureaus. Dus we gaan het aan. En we worden geen stilzwijgend lid, dat heeft geen zin.

Nog veel te leren
We blijven wel gewoon Coopr. Dat betekent dat we altijd zichtbaar en anders zullen proberen te blijven. Dat betekent ook dat we misschien wel wat anders werken dan dat de meeste bureaus doen. Met name Jody en ik hebben de afgelopen jaren veel geleerd. Een bureau runnen is toch echt wel iets anders dan consultant zijn op klanten. In alle “bureauactiviteiten” is veel meer tijd gaan zitten dan ik gedacht had. En dat wordt met onze groei eerder meer dan minder. Dat heb ik echt onderschat. Uren schrijven deden wij in het begin niet. Omdat we dat niet leuk vonden en niet geloven in het uurtje-factuurtjemodel. Het tweede blijft nog steeds overeind, maar het eerste is veranderd. Dat hoort bij professionaliteit. En juist op het gebied van bureaumanagement kunnen wij veel leren van anderen. En daardoor ons bureau verder professionaliseren. We denken en hopen daar via mensen bij de VPRA weer dusdanig te leren dat we ons bureau weer een beetje beter kunnen maken. En we durven te zeggen dat andere bureaus ook iets van ons kunnen leren als het gaat om de inzet van technologie en een frisse kijk op het vak.

FacebookTwitterLinkedInWhatsApp

Gerelateerde berichten

%s

Om de gebruiksvriendelijkheid van onze website en diensten te optimaliseren maken wij gebruik van cookies.
Lees voor meer informatie ons privacystatement!