Wat ik leerde van die keer dat ik keihard op m’n bek ging

Blog
Tips & Tricks
Judith Vermulst
08-03-2021
Toegegeven: het was niet meteen mijn grootste wens om een blog te schrijven over die keer dat ik onderuit ging bij Coopr, tijdens een call met een klant. Maar hee, zonder wrijving geen glans. Of zoals de maker van de podcast ‘How to fail’ Elizabeth Day zegt: "Learning how to fail in life actually means learning how to succeed better."
In mijn nieuwe rol als accountmanager schoof ik vanuit m’n home office aan voor een virtueel overleg met een klant. Ik zou vanuit deze rol in de lead zijn tijdens het gesprek. Nog voordat we begonnen waren, voelde ik de onrust al in m’n hoofd. Ik was (te) druk, waardoor ik niet goed voorbereid was op de call. En dat niet alleen: ik had ook sinds drie dagen een puppy in huis rondwandelen. Met enkele korte nachten achter de rug en een nog onwennig beestje in de buurt dat constant om aandacht vroeg, begon ik aan de afspraak. Het was een drama. Het gesprek viel regelmatig stil, ik moest zoeken naar woorden, kreeg het warm en Keet de pup sleepte achter mij een plantenbak door de woonkamer. Ik zag een fronsende blik aan de andere kant. Een half uur later toen ik afrondde, had ik al zo’n duizend doden gestorven. 

Op dat moment was ik ervan overtuigd dat ik het had verbruid bij de klant. Mijn collega die ook deelnam aan het overleg, hing kort daarna aan de telefoon. En ze deed het beste wat ze maar kon doen. In plaats van er iets over te zeggen, stelde ze vragen. "Hoe vond je dat het ging?” en "Waardoor kwam dit?” Ze creëerde voor mij de ruimte om verantwoordelijkheid te nemen en ervan te leren. En geloof me, dat heb ik gedaan. Ik deel m’n geleerde lessen graag met je:
 
  1. Fouten mag je erkennen
    We praten veel over wat er wel goed gaat, maar het maken van een fout en dat ook toegeven, vinden we lastig. Zeker binnen een professionele omgeving waarin je je graag wilt bewijzen, of dat nou aan je collega’s of aan een klant is. Het is niet nodig om jezelf compleet af te fakkelen, maar eens wat opener zijn over dingen die niet goed zijn gegaan, daar zouden we toch zo van opknappen met z’n allen. 
  2. Bij falen hoort schaamte, en dat is oké
    Je ergens voor schamen is een rotgevoel, tegelijkertijd is het ook erg nuttig. Het zegt namelijk wat over je vermogen tot zelfreflectie. Bedenk: er zijn ook mensen die de stomste dingen doen en die zich nooit schamen of het gevoel hebben dat ze falen. Dat is nog altijd erger.
  3. Durf sorry te zeggen als je de mist in bent gegaan
    Je bent op je bek gegaan. Verontschuldig je daar gewoon voor. Dat hoeft helemaal niet met een lange aanloop of een groots gebaar. Een welgemeende sorry en verduidelijking dat dit niet meer gaat gebeuren, volstaan echt.
  4. Fouten maken opent deuren
    Door openlijk over gemaakte fouten te spreken en het gesprek aan te gaan, nodig je ook anderen uit om te reflecteren. Je gooit de deur open en zorgt ervoor dat anderen meegaan in die reflectie, wat misschien wel tot collectieve verbetering leidt.
  5. Relativeer, relativeer, relativeer
    Succes is relatief - maar fouten maken ook. Op het maken van een fout volgen vaak irrationele gedachten. Op zich niet erg, maar vergeet niet om je fout ook in perspectief te plaatsen en te relativeren. Om er vervolgens ook gewoon een beetje om te kunnen lachen.